Logo thuisintwente.nl


Foto: Franklin Veldhuis

Column Alice Plekkenpol: Racemonsters

  Column

Nog wezen dauwtrappen vorige week? Ik niet. Toerfietsen vind ik steeds minder leuk. De reden is simpel: ik word bijna continu van de sokken gereden. Niet door zwetende wielrenners in strakke broekjes, maar door hoogbejaarden die mij al keuvelend met 30 kilometer per uur voorbij racen. Dat doet eerlijk gezegd best een beetje pijn. Gevaarlijk is het ook, zo ondervond ik op smalle fietspaden op de Waddeneilanden. Groepjes kwetterende ouderen knallen je voorbij zonder op het overige verkeer te letten.

De elektrische fiets is een vloek en een zegen. Vroeger zag je nauwelijks bejaarden die lange fietstochten maakten, nu zijn de meeste doden in het verkeer senioren op een e-bike. Ik begrijp waarom.

Al is de elektrische fiets aan een niet te stuiten opmars bezig, ik wil er beslist nog niet aan. Het is toch iets voor ouderen die een beetje hulp nodig hebben, denk ik altijd maar. Het feit dat een vriendin, midden 40, er een voor de stad heeft aangeschaft doet daar niets aan af. Zelfs haar puberdochters gebruiken die elektrische fiets, en dan liefst in de turbostand. Neem een brommer als je te lui bent om te trappen!

Nee, dan die vrienden van me, die al tegen de 70 lopen. Die trappen op een zonnige dag zo 60 kilometer weg op hun oude barrels. Tot een paar weken geleden. Een van hen wilde een e-bike, de ander beslist niet. Jammer van die leuke aanbieding, zo leek het. Tot de ene, eigenwijs als hij is, gewoon met twee e-bikes thuiskwam. "Wij hebben e-bikes gekocht", meldde hij trots. "Nee", corrigeerde zijn partner, "jij hebt er twee aangeschaft."

Twee weken later sprak ik ze opnieuw. Beide e-bikes waren gebruikt, tegelijkertijd, voor een flinke tocht rondom Bad Bentheim. "Beviel het?" Nou, en of het beviel. "We reden al pratend de heuvels op, en dankzij de turbostand waren die saaie rechte wegen ook zo voorbij."

Zelf huur ik heel af en toe een e-bike, vooral in heuvelachtig gebied als Duitsland of Zuid-Limburg. Waar je echt niet zonder puffen en hijgen een bergje op komt. Het is een mooie manier om fietsen te testen, want er zit veel verschil in. De beste trof ik ooit in het Duitse middelgebergte, compleet met speciale heuvelondersteuning voor bergopwaarts. In een Zuid-Limburgs vakantiepark huurde ik laatst een e-bike die heel oud en slecht bleek. De volle accu haalde nog geen veertig kilometer. Dat betekende dat ik flinke stukken zonder ondersteuning moest trappen. Het laatste deel liep ik met de fiets aan de hand naar het hoogstgelegen dorp van Nederland. Afzien dus.

Ik heb er iets op gevonden. Voortaan fiets ik niet meer in plaatsen waar het wemelt van vakantie vierende ouderen, of waar het bergje op bergje af gaat. Ik blijf gewoon lekker trappen in Twente.

Alice Plekkenpol is journalist en woont in Twente

1 reactie
Meer berichten