Logo thuisintwente.nl


Foto: Franklin Veldhuis

Column Alice Plekkenpol: Waar is de wc?

  Column

De vrouw kwam moeilijk kijkend op mij af. ''Weet u waar hier de wc's zijn? Ik moet zó nodig." "Jazeker", zei ik. "Boven of beneden." Ze daalde de trap af om in het theatercafé aan te sluiten bij een lange rij wachtenden. Ik had met haar te doen. En eigenlijk met iedereen die in het Enschedese Wilminktheater de gang naar het toilet moet maken.

Het theater zit logistiek namelijk zeer onlogisch in elkaar. Slechts één grote garderobe, het verst verwijderd van de hoofdingang met kassa. Bij een drukbezochte voorstelling, zoals onlangs Jochem Myjer, moesten theaterbezoekers buiten blijven staan, omdat binnen de groep wachtenden bij de garderobe te groot was. Tussen kassa en garderobe bevindt zich bovendien een smalle lounge. Ook al zo'n crime, vooral in de winter. Bezoekers lopen er met dikke jassen door een ruimte waar gedronken wordt. Het is niet de vraag of je iemand aanstoot, maar hoe vaak dat gebeurt.

En ja, dan die wc's. Wie weleens in pakweg het Theaterhotel Almelo of de Hengelose schouwburg komt, weet dat er daar op elke verdieping voldoende voorzieningen zijn. In het Wilminktheater daarentegen zijn de weinige toiletten verstopt in bijna onvindbare hoeken van het complex. Als je er voor het eerst komt, zoals die mevrouw met hoge nood, is dat geen feest.

Alleen met de grote zaal van het Enschedese theater is absoluut niets mis. Goede akoestiek, degelijke stoelen, sfeervolle entourage. Een mooie voorstelling, zoals nu Fiddler on the Roof, komt daar zonder twijfel het beste uit de verf.

Dat neemt niet weg dat ik kleinere theaters in de regio steeds meer ben gaan waarderen. Ver zijn ze nooit, in een half uur tijd bereik je zo ongeveer alle uithoeken van Twente. Per auto uiteraard, maar die parkeer je gratis voor de deur.

Ik ontdekte ook dat kleine theaters nog meer voordelen hebben. Toen ik een keer in Goor alleen kaarten voor de laatste rij kon bestellen, zei de kassadame: "Dat is best een goede plek, hoor. Wij zijn zo klein dat je bij ons altijd dicht bij het podium zit." En warempel, ze had gelijk. Achteraan was namelijk rij 12.

Waar ik nog wel aan moet wennen, is de ons-kent-onssfeer. Het maakt niet uit of dat Oldenzaal, Goor, Haaksbergen of Nijverdal is. Zo moest ik bij het jassen inleveren eens onevenredig lang wachten omdat de dame voor mij uitvoerig met de garderobejuffrouw de net geopereerde knie van ene Bertus besprak. Het muntjessysteem voor consumpties (twee keer in de rij staan) is ook niet altijd even efficiënt. Maar dan die wc's! Altijd direct in het zicht, en zelden bezet. Het kan dus wel.

Alice Plekkenpol is journalist en woont in Twente

reageer als eerste
Meer berichten