Logo thuisintwente.nl


Kijk eens wat een plezier Rapalje uitstraalt. Zaterdag zijn te zien in De Bond in Oldenzaal.
Kijk eens wat een plezier Rapalje uitstraalt. Zaterdag zijn te zien in De Bond in Oldenzaal. (Foto: )

Rapalje, bruist en vlamt tijdens de Celtic Folknight in De Bond

Oldenzaal - Folk die vlamt, mannen die zo uit vroeger tijden lijken te zijn weggelopen. Rapalje, dat is folk met een randje. Zaterdag 3 november om 20.15 uur speelt de groep in Stadstheater De Bond in Oldenzaal een Celtic Folknight.

Ze hebben het laatst uitgerekend, zegt David Myles. Samen met de andere drie leden van Rapalje heeft hij meer dan een miljoen kilometer in de bus gezeten. Geen stadsbus, gewoon de bus die ze naar de optredens vervoert. Hij zegt het niet klagerig, hij is er trots op. Met tussen de 120 en 150 optredens per jaar draait Rapalje als een tierelier.

De band bestaat al een dikke twintig jaar. Maar hij is er als jongste bandlid 'nog maar' zestien jaar bij. Aanvankelijk wilde Rapalje helemaal geen vierde lid. Als trio samengesteld uit twee duo's met de Groningse multi-instrumentalist Maceál als grote gemene deler was er al een samenwerking die stond als een huis. Rapalje stond garant voor driemansterkte Keltische muziek. Drie mannen die een keur aan instrumenten bespeelden. Folk die vlamde, die ontroerde.

Maar ja toen troffen de mannen David, een halve Schot die fantastisch doedelzak kon spelen, daartoe geschoold met diverse zomercursussen in het land waar ze het meest verstand van dit instrument hebben: Schotland. Bovendien bleek David ook nog eens een virtuoos bespeler van de fluiten tinwhistle en low wistle.

Ze waren hem tegengekomen op een Schots festival, waaraan ze allemaal een bijdrage leverden. Dieb, Maceál en William waren er snel van overtuigd: deze David moest worden binnengehaald. Eerst als vaste gastspeler. Maar dat viel niet vol te houden. David werd zestien jaar geleden geannexeerd als vierde bandlid.

David Myles werd 37 jaar geleden geboren in Groningen, als gevolg van een Schot die aan een Gronings meisje was blijven kleven. Noch vader, noch moeder gaf blijk van enige praktisch muzikale vaardigheden. Maar vader Myles hield zijn Schotse roots wel in het vaandel. Zijn zoon die inmiddels al blokfluit en tuba speelde attendeerde hij op het feit dat er een Groningse doedelzakband was, die leden nodig had. Niet alleen David viel voor het instrument, ook zijn drie jongere broers. David, die drie verschillende types doedelzak bespeelt, leeft van de muziek. Zijn broer Danny is professioneel doedelzakspeler bij bruiloften, partijen, begrafenissen en crematies. En de vier broers vormen voor de gezelligheid een doedelzak familieband.

Maar dat is voor de fun. David is instructeur bij de Clan MacBeth Pipe band, het doedelzakorkest waar hij ooit begon. En hoewel hij een geschoold elektrotechnicus is, heeft hij daar nooit wat mee gedaan. Het echte werk is voor hem Rapalje. Wie Rapalje nooit aan het werk heeft gezien, moet zich diep schamen. Maar wie de band kent, weet dat de vier Groningse woestelingen Keltische muziek hoog in het vaandel voeren. In Middeleeuwse outfit brengen ze authentieke muziek, van gevoelige ballads tot expressief vuurwerk. Wie Rapalje aan het werk ziet snapt hoe hardrock zonder elektrische gitaren, basgitaren, keyboards en drumstellen zou klinken.

En daarom zet de opmerking van David Myles over die miljoen kilometers in een bus je op een verkeerd been. Natuurlijk is het waar. Natuurlijk klopt het dat de leden van Rapalje zoals David zegt extreem goed door één deur kunnen. Dat ze zich een familie voelen. Allemaal waar. Maar wie een optreden van Rapalje meemaakt verkeert in de illusie dat de vier leden zojuist te paard de speelplek hebben bereikt, waarbij ze onderweg nog even wat rijke edelen hebben beroofd om het geld onmiddellijk onder de armen te verdelen. En tweeduizend jaar geleden, toen alle Kelten van het vaste land van Europa werden verdreven, was er één dapper viermanschap dat weerstand bood: de mannen van Rapalje.

Meer berichten